Anand Index Oefeningen


Algemeen
Direct Inschrijven
Veelgestelde vragen
Jaarplanning
Vakanties
Yoga Vakantie
Tantra Cursus
Yoga Massage
Ayurvedische Massage
Introductie Cursus
Ontspanningsmassage
Reiki 1
Meditatie
Yoga
Intuitie
Tai Chi
Vervolg Cursus
Klassieke Massage
Ayurvedische Massage
Thaise Massage
Stoelmassage
Tantra Massage
Reiki 2
Mindfulness Cursus
Mindfulness Training
Opleidingen
Masseur (1 jr)
Massage Therapeut (3 jr)
Reiki Master

 

Voorproefje Thaise Massage

Waarschuwing!

De onderstaande Thaise massage dient als voorbeeld van een onderdeel van de Thaise massage. Anand neemt geen verantwoordelijkheid voor het onjuist uitvoeren van onderstaande technieken. Om een en ander goed te leren, raad ik je aan om dit onder begeleiding van een professionele trainer te doen. Als je de onderstaande Thaise massage thuis doet, doe het dan zacht, gebruik je lichaamsgewicht en geen spierkracht en vraag je cliënt je op tijd aan te geven als iets niet goed aanvoelt. Ga nooit over de grenzen van je cliënt! Beter te zacht dan te hard!

1. Stretch de spieren van de rug

Dit is de eerste stap van het a-b-c-b-a patroon op de rug (a=stretch, b=druk met de handpalmen, c=druk met de duimen op de meridianen ofwel energiebanen). Zorg ervoor dat de armen van je cliënt naast haar liggen met de handpalmen naar boven en dat haar nek recht is. Deze stretch is een fijne en zachte stretch schuin over de rug. Plaats een van je handen tegen de binnenkant van het schouderblad en de andere hand op de onderrug aan de andere kant van de rug. Druk door je gewicht te verplaatsen, en zorg ervoor niet op de botten te duwen. Verwissel je handen en herhaal voor de andere kant.

 

2. Handpalm druk op de rug

Je wandelt met je handpalmen over de rug vanaf de bekkenrand tot het schouderblad en weer terug. Houd je handen op ongeveer 5 cm afstand van elkaar in ‘Vlinder positie’. Zo duw je niet op de ruggengraat (deze is tussen je handpalmen in). De hoeveelheid druk is afhankelijk van je cliënt. Stop bij het schouderblad, een eind onder de 7e nekwervel (de uitstekende nekwervelbij overgang nek-schouders), zodat je niet op de nek duwt.

 

3. Druk op de Sen meridianen van de rug.

 

Druk op de drie meridianen van de rug met ‘wandelende duim druk’. Druk op beide lijnen 1 samen, dan op beide lijnen 2 en dan op beide lijnen 3. Werk vanaf de bekkenrand tot aan de schouder en weer terug. Lijn 1 ligt aan de binnenkant van de lange rugspieren, tussen wervelkolom en lange rugspieren (de lange rugspierenen zijn de 'kabels' aan weerszijden van de wervelkolom). Lijn 2 ligt boven op de lange rugspieren (daar waar deze 'kabels' het dikst zijn). Lijn 3 ligt aan de buitenkant van de lange rugspieren, tegen de zijkant aan. De druk op lijn 1 is naar de ruggegraat toe gericht. De druk op lijn 2 is recht op de spieren. De druk op lijn 3 is onderaan naar de ruggegraat toe en tussen de schouderbladen naar de schouderbladen toe. Zorg ervoor dat je drukt met je gewicht, niet met spierkracht. Dat doe je door te 'leunen' op de duimen en je duimen gestrekt te houden, recht onder je onderarmen. Houd je armen recht, en je schouders steeds recht boven je handen.

 

Maak het A-B-C-B-A patroon af door de handpalmdruk en daarna de stretch van de rugspieren te herhalen.


4. Palm cirkels op de ribbenkas

 

Gebruik palmcirkels op de ribbenkas. Je begint bij de schouders en gaat via de zijkant van de rug naar beneden tot het centrum van de rug. Visualiseer dat je gestagneerde energie en lymfe naar het hart toebrengt. Spreid je vingers zodat ze tussen de ribben in liggen. Cirkel rond het schouderblad, de schouders en de bovenarmen. Vergeet niet de brede rugspieren (zijkant van de rug) en de achterkant van de oksel.


5. Trek aan de monnikskapspier

Trek aan de monnikskapspier (bovenop de schouders) door je vingers in de bovenkant van de schouders te haken, terwijl je terugleunt met je lichaamsgewicht (gebruik dus geen of weinig spierkracht). Begin aan de buitenkant op de deltaspieren (zijkant van de schouders) en steeds wat meer naar het midden richting de nek van je cliënt.


 6. Schouder mobilisatie

Begin met de linkerarm voor een vrouwelijke cliënt of met de rechterarm voor een mannelijke cliënt. Vraag de cliënt om haar hoofd dezelfde kant op te draaien. Buig de elleboog van je cliënt en plaats haar hand achter op haar rug. Met haar hand in deze positie roteer je de schouder eerst met de wijzers van de klok mee en dan andersom. Roteer de schouder vijf keer in elke richting.


Plaats dan de pinkkant van je hand als een schep onder het schouderblad van je cliënt en trek de schouder naar boven en naar je toe, terwijl je onder het schouderblad duwt. Dit moet je doen op zo’n manier dat je de deltaspieren (zijkant van de schouder) en de borstspieren strekt.


 7. Druk onder het schouderblad.

Houd de hand van je cliënt tegen haar onderrug om ervoor te zorgen dat het schouderblad los staat en gebruik vingers of duim om op de ruitvormige spier (tussen binnenkant schouderblad en ruggengraat) te drukken onder het schouderblad. Neem hier ruim de tijd voor. In dit gebied verzamelt zich vaak veel spanning, vooral bij cliënten die veel op kantoor werken.

Succes met masseren!

Dit was een stukje van de Thaise yoga massage. Als je meer wilt leren of als je een en ander onder professionele begeleiding wilt leren doen, zodat je weet dat je het goed doet, Lees dan verder over de Thaise yoga massage vakantie cursus.

 

 


Agenda
Jaarplanning
Direct Inschrijven
English Site

Foto's bekijken

2b


1

Cursuslocaties

In (dichtbij) Bilthoven (de Bilt, Utrecht, Amersfoort, Amsterdam), Nijmegen

Spiritueel Centrum Sauerland

Stibag gecertificeerd opleidingsinstituut

Behandelingen Producten Artikelen Cursusruimte Vakanties
Massage,
Reiki
Stoelmassage

Sieraden

Boeken
CD's

Boedha
Alternatieve Geneeswijze
Groepsaccomodatie Spirituele Vakantie
Actieve Vakantie
Google
Zoeken binnen anand.nl


© 2000-2009 Anand, Bezoekers tot nu toe